Opvattingen
over wat in kunstzinnig opzicht goede grafiek is,
veranderen. Toen de etstechniek werd uitgevonden werd die
aanvankelijk gezien als een imitatie van de gravure en
daarom als minderwaardig afgewezen. De steendruk maakte in
het begin evenmin veel enthousiasme los. Tegenwoordig
hebben velen het niet op zeefdruk en beschouwen zeer velen
computergrafiek als maar een spelletje.
Ook
het begrip originele grafiek heeft een geschiedenis. Vanaf
ongeveer 1850 toen men grafiek van fotografie wilde
afbakenen eiste men dat het om verbeelding van de
werkelijkheid zou gaan, niet om een getrouwe afbeelding
daarvan en dat de kunstenaar de drukvorm zelf had
getekend, gesneden of geëtst. Vóór die tijd was men
tevreden als de prent was gemaakt door de erop aangegeven
persoon ook al had die een schilderij van een ander per
prent gekopieerd.
Hoe
wordt er nu over gedacht?
Het gaat allicht primair om grafiek. Dat wil dus zeggen
dat er een drukvorm moet zijn die herhaalbaar kan worden
overgebracht op papier of een andere beelddrager. Er moet
dus een houtsnede zijn, een steen of een diskette. Maar
wanneer is er dan sprake van originaliteit?
De kern daarvan ligt in het ontwerp van de prent, het
beeldconcept dus. Dat moet iets bijzonders van de
kunstenaar zelf bezitten, dat moet origineel zijn. Als de
kunstenaar een schilderij of gouache aan de zeefdrukker
geeft met de opdracht daarvan prenten te maken, wordt dat
wel een grafisch product maar is het niet origineel; het
beeldconcept is niet voor deze prent speciaal gemaakt, het
is een ontleend concept. Dat is ook het geval wanneer een
kunstenaar een eigen schilderij met een videocamera scant
en via de computer gedigitaliseerd afdrukt. In deze
opvatting doet het niet terzake of de kunstenaar de prent
zelf drukt, zelf de drukvorm maakt. Wat telt is of hij een
speciaal beeld voor deze prent heeft ontworpen. Ook al
heeft hij onderdelen van het beeldconcept aan anderen
ontleend, als het gehele concept maar speciaal met het oog
op deze prent werd bedacht.
De
Vereniging voor Originele Grafiek heeft deze zienswijze
als volgt in haar statuten omschreven: 'Onder originele
grafiek wordt verstaan grafiek die tot stand is gekomen
overeenkomstig een door een kunstenaar speciaal ontworpen
concept, waarbij met behulp van een of meer drukvormen het
door de kunstenaar beoogde beeld herhaalbaar wordt
aangebracht op een door hem gekozen beelddrager'. In de
vorige eeuw werden dikwijls gravures gestoken naar bekende
schilderijen. In die tijd werd dat aanvaard. Als dat nu
gebeurt noemen we dat geen originele maar reproductieve
grafiek. De Vereniging hanteert daarom deze aanduiding:
'Mechanisch vervaardigde reproducties alsmede kopieën en
facsimiles van reeds bestaande schilderijen, prenten,
tekeningen en andere reeds bestaande beelddragers worden
niet als originele grafiek aangemerkt'.
Met
grafiek, maar ook met schilderijen is altijd geknoeid door
vervalsers en namakers. Dat gebeurt ook vandaag en soms op
eigentijds-geraffineerde wijze. Er worden bijvoorbeeld
reproducties in de handel gebracht die namens of door de
kunstenaar worden gesigneerd, soms wordt een oplage
vermeld om de indruk te wekken dat het om een gelimiteerd
aantal gaat. Het is echter pseudo-originele grafiek
waaraan sommige kunstenaars niet belast door kennis van
zaken of verantwoordelijkheid voor het eigen werk dan wel
onscrupuleus hun medewerking verlenen.
'Onder
pseudo-originele grafiek worden verstaan reproducties,
kopieën of facsimiles die al dan niet in gelimiteerde,
genummerde of door kunstenaars gesigneerde oplagen, in de
handel worden gebracht met het doel de indruk te wekken
dat het om originele grafiek gaat', zeggen de statuten van
de Vereniging.
Als
men te maken heeft met originele grafiek wil dat niet
zeggen dat men met kwalitatief goede grafiek te maken
heeft. Een originele prent kan heel slecht zijn. Op
avondcursussen worden talloze prentjes gedrukt die wel
origineel maar verder van geen belang zijn. Originaliteit
zegt niets over de artistieke kwaliteit van de prent, het
is slechts een voorwaarde voor een kunstwerk.
Slechts
zelden kan de originaliteit worden afgelezen van de prent
zelf. Het is de ontstaansgeschiedenis van de prent die
daarvoor beslissend is. Als de kunstenaar een
prentbeschrijving heeft opgemaakt kan daaruit de
originaliteit blijken.
Z
wart-wit
of kleur?
Het
getwist onder grafici of prenten wel kleuren mogen
bevatten is uitgewoed. Men bestrijdt elkaars voorkeuren
niet meer. De een gebruikt alleen zwarte inkt, de ander
doet aan veelkleurigheid. Het hangt van de eigen
artistieke opvattingen af. Net als vroeger worden prenten
ook wel eens met de hand ingekleurd, met aquarel meestal.
Sommigen vinden zo'n gemengde techniek weinig zuiver,
anderen zijn in dit opzicht onbekommerd.
Het
kopen van prenten
Overal
is grafiek te verwerven. Bij postorderbedrijven, in
galeries, op ateliers, op beurzen, op veilingen, bij musea
soms. Ook zijn er aanbiedingen via kranten en
tijdschriften. Onder het koren schuilt veel kaf. Wie geen
geld kwijt wil raken aan grafisch vervaardigde
reproducties, wie niet voor veel geld massagrafiek wil
kopen, moet het hebben van de betrouwbaarheid van de
verkopers. Dat kunnen kunstenaars zelf zijn, het kunnen
ook galeries zijn of verzamelaars. Alleen, hoe weet men of
de verkoper wel originele grafiek aanbiedt? Onkunde en
onverschilligheid zijn in de kunsthandel ruim
vertegenwoordigd. Zekerheid op dat punt is er nooit. Maar
bij degenen die het vignet van de vereniging mogen voeren
mag men op betrouwbaarheid rekenen en heeft men ook
bepaalde garanties. Over dat vignet en de daaraan
verbonden kopersbescherming volgt verderop informatie.
De
prijzen van prenten lopen sterk uiteen. Betrouwbare
galeries hanteren gemiddelde marktprijzen al blijken zij
onderling ook wel eens te verschillen. Kopen op het
atelier van een kunstenaar kan goedkoper uitvallen. Soms
ook veel duurder als de kunstenaar zijn werk kostbaarder
inschat dan de markt. Er kan hier alleen een grove
indicatie worden gegeven. Grafiek van levende Nederlandse
kunstenaars varieert momenteel in prijs tussen de 200 en
1000 gulden met uitschieters soms naar boven, zelden naar
beneden. Het hangt af van oplage, kleur, afmetingen en
bekendheid van de kunstenaar. In enkele gevallen gaan de
prijzen ver daarboven uit. In weer andere gevallen,
bijvoorbeeld als prenten op een veiling in een 'lot'
zitten, kan de prijs per stuk laag tot uiterst laag
uitvallen. Als men op koopjes jaagt neemt men al gauw
risico's in het opzicht van betrouwbaarheid. Anderzijds is
wie duur koopt daarom nog niet van originele grafiek
verzekerd.
Over
grafiek als geldbelegging is geen aanwijzing te geven.
Sommige prenten vermeerderen om onvoorzienbare redenen
binnen tien jaar in waarde, andere verminderen. In het
algemeen verdient het aanbeveling te kopen vanuit eigen,
persoonlijke belangstelling, dus omdat men zich door een
prent aangetrokken voelt. De kans op verhandelbaarheid in
de toekomst is onvoorspelbaar.
Garanties
Van
de Vereniging voor Originele Grafiek kan men alleen op
uitnodiging lid worden. Leden zijn onder meer grafici,
verzamelaars, galeries en musea. Sommige leden zijn
gerechtigd het vignet van de vereniging te voeren. Met dat
vignet wordt bedoeld aan het publiek betrouwbaarheid te
waarborgen en aan kopers van grafiek een garantie te
geven. Wie het vignet voeren hebben zich verbonden om
uitsluitend originele grafiek aan te bieden. Zij zijn
verplicht om als origineel verkochte grafiek van na 1900
terug te nemen van de koper als deze gerede twijfel over
de originaliteit koestert.
|